Nieuws
- 22/05Het Nieuwe Werken heeft juridische haken en ogen
- 21/05Flexwerkers lopen meer gezondheidsrisico's
- 17/05Werknemers melden zich vaker ziek
- 17/05Het Nieuwe Werken drijft manager tot burn-out
- 15/05Het Nieuwe Werken is Balanceren
- 14/05Minder verzuim na bezoek bedrijfsarts
- 13/05Zeven argumenten om langdurige hoge werkdruk te voorkomen
- 10/05Jongere heeft helemaal geen last van 'technostress', of wel?
- 10/05Angst voor ontslag houdt werknemer wakker
- 10/05Werkgever krijgt schuld voor gebrek aan evenwicht tussen werk en gezin
De kracht van 65+
- 10/07/12
- Niels Oudega, directeur Pittig
Recentelijk meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek dat het aantal gepensioneerden in Nederland voor het eerst is gestegen tot boven de 3 miljoen. Dit is niet zo gek gezien het feit dat de eerste baby boomers uit 1945 thans de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Nederland telt momenteel 2,6 miljoen 65-plussers en dit aantal groeit uit naar 4,5 miljoen in 2035. Dan is één op de vier 65-plus. Tegelijkertijd leven we steeds gezonder en boekt ook de medische wetenschap vooruitgang, met als gevolg dat we als maar ouder worden.
Het is dan ook niet vreemd dat de hoogte van de pensioengerechtigde leeftijd omhoog moet om zo de AOW voor deze groter en ouder wordende groep op termijn te garanderen. In Den Haag is dit onderwerp een heet hangijzer. Het nieuwe wetsvoorstel van minister Kamp, dat afwijkt van het zwaarbevochten eerder overeengekomen pensioenakkoord, stijgt gefaseerd naar 66 jaar in 2019 en naar 67 jaar in 2023. Het CDA haastte zich te zeggen dat dit nog niet snel genoeg is terwijl de SP 12 uur spreektijd aanvroeg om te voorkomen dat het voorstel überhaupt naar de 1e Kamer ging.
De versobering van de pensioenregeling wordt vaak als reden aangeduid dat werknemers steeds langer door werken. Was in 2006 de gemiddelde leeftijd waarop gestopt werd 61 jaar, inmiddels is dit ruim 63 jaar. Maar de versobering is niet de enige oorzaak. Er is een duidelijke andere trend zichtbaar: doorwerkende 65-plussers. Dit aantal is de afgelopen 10 jaar verviervoudigd tot ruim 140.000 werkenden, waarvan een kleine meerderheid zelfstandig is of een vrij beroep heeft.
Dit zijn actieve en vitale mensen die nog midden in het leven staan en goed geinformeerd zijn. Voor hen is doorwerken geen straf maar een eigen, bewuste keuze. Ze werken omdat ze graag willen en niet omdat ze moeten en zijn hiermee waardevolle arbeidskrachten voor de werkgever.
65-plussers hebben bovendien een schat aan kennis en ervaring die ze kunnen overbrengen op jonge werknemers. Ze zijn daarnaast loyaal. 65-plussers hoeven niet zo nodig meer ergens anders te werken in tegenstelling tot jongeren die regelmatig een volgende stap in hun carrière maken.
Tot slot zijn 65-plussers relatief voordelige arbeidskrachten omdat de afdracht van werkgeverspremies beduidend lager ligt dan bij werknemers die jonger zijn dan 65 jaar. Genoeg redenen om deze groep 65-plussers niet langer aan de kant te parkeren of als probleemgroep te zien maar eerder als mogelijke oplossing voor de vele economische vraagstukken die voor ons liggen, zoals het toekomstig tekort aan arbeidskrachten in diverse sectoren of het overeind houden van de AOW.
Niels Oudega, directeur Pittig